Nieuw november 2020: "Mijn reis naar het Oosten", Reisverslag van Piet Gerrits, 1906
Nieuw december 2020: "Schilderingen van Piet Gerrits in de kapel van Aïn Karem"
Nieuw januari 2021: "Kapel St. Carolusstichting ,Valkenswaard"

Schilderingen van Piet Gerrits in de kapel van Aïn Karem, 2020

In 1878 had de Sociëteit van de Missionarissen van Afrika, de zogeheten Witte Paters, een seminarie gesticht in Jerusalem voor de opleiding van arabische priesters. Het seminarie lag dicht bij de plaats waar de woning van Joachim en Anna, de ouders van Maria, had gestaan, vandaar dat zij hun seminarie Sainte Anne noemden. In 1882 openden de paters een buitenhuis in Aïn-Karem, waar hun seminaristen ontspanning konden vinden. Aïn-Karem was een dorpje in de heuvels ten westen van Jerusalem. Bij het huis hoorde een kapel, een eenvoudig zaalkerkje, dat Piet Gerrits aanbood te verfraaien met schilderingen. Piet begon in 1908 aan de achterwand van het priesterkoor. We kunnen nog een goede indruk krijgen van zijn werk aan de hand van de tekeningen die hij ervan opstuurde naar Nederlandse bladen en dankzij het artikel dat Nico van der Vliet, een bevriende pater, er over publiceerde in een Nederlands blad en dat elders op onze website is gereproduceerd.

1. De koorschilderingen in de kapel van Aïn-Karem.
 

De schilderingen op de achterwand vormen een drieluik (afb. 1). Centraal de Kruisiging. Maria en de apostel Johannes staan bij het kruis waaraan de stervende Jezus hangt. Aan de voet van het kruis ligt een schedel en er groeien nieuwe twijgen uit op: symbool van het nieuwe leven dat door Jezus' dood wordt geboren. Gekozen is het moment dat Jezus tegen zijn moeder zegt: "Vrouwe zie daar uw zoon". Een tekening ervan, gedateerd "Aïn-Karem juni 1908 (Palestina)", stuurde Piet naar het jeugdblad De Engelbewaarder, waarin het werd gepubliceerd in het aprilnummer van 1909 (afb. 2). In hetzelfde jaar verscheen die tekening ook in Het Offer, een ander Nederlands blad.

2. Maria en Johannes aan de voet van het kruis, tekening van juni 1908
uit
De Engelbewaarder, jrg. 1908-1909, p. 557.
 

In de zomer van 1909 verliet Piet Gerrits het Heilig Land. Hij verbleef enige tijd in Rome en ging vervolgens op vakantie bij zijn ouders in Nijmegen. In de herfst van 1909 keerde hij terug naar het Heilig Land en zette zijn werk voort in de kapel van de seminaristen van Sainte Anne in Aïn-Karem. Hij schilderde nu het linker en het rechterdeel van de achterwand van het koor.

Het linker deel van de altaarschildering brengt de roeping van de eerste apostelen in beeld. Links twee vissers die het meer achter zich laten en toekomen naar Jezus, die een uitnodigend gebaar maakt.

Het rechter deel van het drieluik illustreert een scène uit het evangelie van Johannes, (hf.21, vers 15-17). Het speelt zich af bij het meer van Tiberias, na de kruisdood van Jezus, toen hij voor de derde keer verscheen aan de apostelen. Petrus en enkele andere leerlingen hadden de hele nacht gevist, maar niets gevangen. Een man aan de oever van het meer vroeg hen de netten opnieuw uit te werpen. Ze deden dat en vingen een enorme hoeveelheid vis. Ze herkenden toen Jezus. Vandaar dat we rechts op de voorgrond van de compositie een korf zien, afgeladen vol met vissen. Nadat ze ontbeten hadden sprak Jezus in een dialoog met Petrus de bekende woorden: "Weid mijn lammeren, hoed mijn schapen." Vandaar dat we op de achtergrond een herder met schapen zien. Rechts zijn ook nog enkele vrouwen de was aan het doen in stromend helder water. Water is in de bijbel soms een symbool voor Jezus, het levenbrengende water. Piet had een tekening gemaakt van deze voorstelling die hij merkte met plaats en datum "Piet Gerrits Syrië '10" (afb. 3). Opmerkelijk dat hij een werk dat in Palestina werd aangebracht merkte met 'Syrië'. Hij beschouwt Palestina dus als deel van de regio Syrië hoewel het formeel in 1910 hoorde bij het Osmaanse (Turkse) rijk.

3. Opdracht aan de apostelen, tekening in De Engelbewaarder, jrg. 1910-1911, p. 313.
 

De thematiek van de compositie is in feite afgestemd op de gebruikers van de kapel. Deze was bestemd voor de priesterstudenten die als moderne apostelen het verhaal van de kruisdood en verlossing moesten doorvertellen. Zij moesten de herders, de pastores zijn, die waakten over het geestelijke welzijn der mensen. Daaraan werden zij door deze schilderingen bij iedere misviering herinnerd.

In 2010 bracht Piet ook schilderingen aan op de triomfboog, die het schip van het priesterkoor scheidt. Aan de ene zijde, boven in de zwik, Maria met Kind. Een tekening van deze compositie is in de familie bewaard, op de treden gemerkt met "Piet Gerrits Jerusalem '10" (afb. 4). Bovendien was bovenin de compositie geschreven: "Muurschildering van Piet Gerrits in de kapel der witte paters in Jerusalem". Onder had men een bijbeltekst toegevoegd "Een tak zal schieten uit den stam van Jesse, en een bloem uit zijn wortel spruiten. Isaias, XI, 1" . In het Katholiek Documentatie Centrum is een studie in aquarel bewaard voor deze compositie met enkele interessante varianten (afb. 5). Zo is de zetel van Maria omgeven met engelenkopjes en staat op de voorgrond rechts een extra vaasje bloemen. In de linkerbovenhoek zien we bovendien een ster in een wolkje. In de tekening heeft Gerrits de engelen, een van de twee vaasjes en het wolkje weggelaten, kennelijk om de compositie wat minder decoratief en meer monumentaal te maken. In de definitieve schildering zette hij die tendens door en liet hij zowel ster als wolkje weg en verplaatste het vaasje naar onder in de compositie, omdat dat beter paste bij het beschikbare muurvlak.

4. Maria met kind, tekening, part. col.
 
5. Maria met kind, studie in aquarel, Kath. Doc. Centrum.
 

Aan de andere zijde van de triomfboog is een afbeelding van Johannes de doper die, gekleed in kemelhaar, Jezus doopt in de Jordaan. Dat onderwerp paste bij de locatie. Want in Aïn-Karem had volgens de overlevering het huis van Johannes de Doper en zijn ouders Elisabeth en Zacharias gestaan. Het is dus ook daar dat Maria haar nicht Elisabeth had bezocht. Hij tekende dit onderwerp vaker en stuurde een versie met variaties naar De Engelbewaarder, waar die gepubliceerd werd in jaargang 1907-1908, p. 255.

6. Het aanbrengen van de decoraties op de lambrizering, Aïn-Karem.
 

Aan de binnenzijde van de twee pijlers waarop de boog rust schilderde Gerrits twee gestileerde engelen. Verder verfraaide hij diverse randen en muurstroken met geometrische en diermotieven, waarbij hij geholpen werd door de seminaristen (afb. 6).

In 1910 beschilderde Piet ook het grote, 6 meter lange muurvlak van het koor aan de epistelzijde. Als onderwerp koos hij: Zo gij niet wordt als kinderen kunt gij het rijk der hemelen niet binnengaan. Christus zit in het midden, achter hem een groep Joden en enkele kameeldrijvers en rechts vrouwen met hun kinderen (afb. 7).

7. Als gij niet wordt als kinderen, zult gij het rijk der hemelen niet binnengaan, wandschildering kapel Aïn-Karem.
 

Een vriend van Piet, pater Nico van der Vliet, was er zo van onder de indruk dat hij er een dithyrambisch artikel over schreef dat geplaatst werd in het Nederlandse blad Sint-Lucas, in het nummer van 28 februari 1911. Hij prees het realisme, dat gebaseerd was op ware kennis van het oosterse leven, het gebruik van lichte en toch rijk geschakeerde kleuren, het evenwicht tussen realistisch en monumentaal, tussen licht en donker. Gerrits was, zo besloot hij, de aangewezen kunstenaar om in Nederland bijbeltaferelen te schilderen. De redactie echter reageerde met een naschrift waaruit nogal wat reserve sprak. Zo vond zij de gebaren wat flauw, de relatie tussen de figuren onvoldoende en het geheel te weinig gestileerd. Overigens zwakte ze haar kritiek af door er aan toe te voegen dat het niet makkelijk is werk te beoordelen aan de hand van foto's.

Van der Vliet vermeldde onder iedere foto "wandschildering in de Sint-Annakapel in Jerusalem". Daaruit zou men abusievelijk kunnen concluderen dat de schilderingen zich bevinden in een kapel van de paters op de hoofdvestiging Sainte Anne in Jeruzalem. In feite echter bevinden de schilderingen zich in de nevenvestiging van Sainte Anne in Aïn-Karem, net buiten Jeruzalem. Dat bleek trouwens al uit het feit dat Gerrits zelf boven een tekening van de middenpartij van de koorschildering "Aïn-Karem" had gezet. Bovendien, toen in 1932 bij het 50-jarig bestaan van Sainte Anne een jubileumboek werd uitgegeven werd daar de volledige koorschildering in afgebeeld met als onderschrift "Détail de la chapelle d'Aïn-Karem" (afb. 8).

8. Afbeelding uit jubileumboek van Saint Anne, 1932.
 

In dat jubileumboek uit 1932 werd ook vermeld dat de schilderingen van Gerrits inmiddels gecompleteerd waren door pater Neomagus. Frits Neomagus was een artistiek begaafde witte pater uit Oosterhout die in 1929 in Sainte Anne was komen wonen.

Na zijn schilderingen voltooid te hebben smaakte Piet het genoegen de pauselijke onderscheiding Pro ecclesia et pontifice te krijgen. Zijn schilderwerk in Aïn-Karem verging het overigens minder goed. Het heeft het lot ondergaan van zoveel kunst uit de voorbije eeuwen: het is onder de witkalk verdwenen.

Dr. Leo Ewals
November 2020